trauma, ontwikkeling en overleving
DIS wordt vaak begrepen als een dissociatieve reactie op overweldigende ervaringen, vooral wanneer die vroeg, herhaald of langdurig plaatsvinden.
Veel beschrijvingen van DIS leggen een verband met vroegkinderlijk trauma, verwaarlozing, onveiligheid of situaties waarin ontsnappen niet mogelijk was. Voor een kind kan dissociatie dan een manier worden om iets ondraaglijks toch te overleven. Het brein leert afstand maken van herinneringen, gevoel of delen van de ervaring.
Dat betekent niet dat iemands hele verhaal op een simpele oorzaak-gevolg-lijn past. Mensen zijn ingewikkeld. Gezinnen, lichamen, herinneringen, stress, bescherming en latere ervaringen spelen allemaal mee. Ook kunnen er andere psychische klachten naast DIS bestaan, zoals PTSS, angst of depressie.
Dissociatie wordt vaak besproken in relatie tot ervaringen die plaatsvonden toen identiteit, geheugen en veiligheid nog in ontwikkeling waren.
DIS is geen bewuste keuze en geen aandacht zoeken. Het is een complex patroon dat vaak pas later als patroon wordt herkend.
Sommige systemen hebben duidelijke delen. Andere systemen ervaren vooral mist, gaten, rollen, schommelingen of interne afstand.
Begrijpen waar klachten vandaan kunnen komen is waardevol, maar veiligheid, stabiliteit en goede begeleiding zijn minstens zo belangrijk.